
 |
Zonnige plaats |
|
 |
Halfschaduw |
|
 |
Bloeimaanden: |
mei - aug, soms tot de herfst |
 |
Hoogte: |
30-60 cm |
|
|
Levensduur: |
overblijvend |
De veldsalie is een behaarde, licht
aromatische plant die het liefst groeit op droge,
kalkhoudende grond. De bloem is blauwviolet en wordt tot
2,5 cm lang. De bovenlip is sterk gebogen en heeft de
vorm van een helm.
Deze plant staat op de rode lijst.
|
| Namen |
|
| Nederlands: |
Veldsalie |
| Wetenschappelijk: |
Salvia pratensis |
| Familie: |
Lipbloemenfamilie, Lamiaceae (Labiatae) |
| Bronnen: |
wilde-planten,
vivara |
| Plaats: |
achtertuin, vijvertje, niet meer |
| Beschrijving |
|
Wortels: |
Een forse, vaak meerkoppige wortelstok. |
|
Stengels: |
De stengels staan rechtop. |
|
Bladeren: |
Rozetbladeren met een lange steel. Aan
de bloeistengels groeien enkele paren korter gesteelde tot zittende
bladeren. De bladeren zijn eirond tot langwerpig. Ze hebben een
hartvormige voet en een vrij stompe top. Ze zijn iets rimpelig
en gekarteld. De schutbladen zijn klein, hebben een gave rand en
zijn hartvormig. De planten verspreiden een duidelijke geur. |
|
Bloemen: |
De bloemen vormen vormen schijnkransen
in de oksels van de schutbladen. De schijnkransen
bevatten 4 tot 8 bloemen. De 1½ tot 3 cm lange bloemen
zijn donkerblauw of heel soms roze of wit. De kelk is
0,7 tot 1,1 cm lang en tweelippig
met een korte drietandige bovenlip en een tweetandige onderlip.
De kelk is erg kleverig door klierharen. |
| Biotoop |
|
Groeiplaatsen: |
Rivierbegeleidend grasland,
rivierduinen, rivierdijken, bermen, kalkgrasland en
spoorbermen. |
|
Bodem/grond: |
Zonnige, warme plaatsen op matig droge
tot matig vochtige, matig voedselarme tot matig
voedselrijke, kalkhoudende grond (zavel, leem,
slibhoudend zand en lichte klei). |
|